Warmteopslag kan een mogelijke oplossing zijn voor netcongestie

Door overschotten aan hernieuwbare stroom om te zetten in warmte en op te slaan zou netcongestie verminderd kunnen worden, volgens een onderzoek van CE Delft. Tijdens momenten van piekproductie zou de stroom die zonnepanelen opwekken kunnen worden ingezet om een warmtepomp te laten draaien, waarbij die warmte vervolgens ondergronds kan worden opgeslagen om later te gebruiken.

Volgens CE Delft kunnen power-to-heat en warmteopslag helpen vraag en aanbod op het stroomnet beter aan elkaar te koppelen. Het onderzoek keek naar twee methodes voor power-to-heat: warmtepompen en elektrische boilers. Daarnaast keek het nog drie methodes voor warmteopslag: tankopslag (TTES), opslag in een geïsoleerd gat in de grond (PTES) en hogetemperatuuropslag in een ondergrondse waterlaag (HT-ATS).

Voorwaarden

CE Delft noemt een tweetal voorwaarden voor power-to-heat en warmteopslag, om een systemische bijdrage te leveren aan het benutten van overschotten aan hernieuwbare energie en het verminderen van aardgasgebruik.

Ten eerste moeten elektrische boilers altijd flexibel kunnen worden ingezet als aanvulling op een warmtenet, ze moeten niet nodig zijn voor de normale warmtevraag. Ten tweede moet de inzet afhankelijk kunnen zijn van de elektriciteitsprijzen, in plaats van de warmtevraag. Alleen dan power-to-heat met opslag concurreren met elektriciteitscentrales op fossiele energie.

De onderzoekers benadrukken daarom dat er met name duidelijk beleid nodig is om de systemische rol – die power-to-heat en opslag kan spelen – te benutten. CE Delft beveelt daarbij een tijdelijke investeringssubsidie aan voor grootschalige langdurige thermische opslag en een duidelijk beoordelingskader om het vergunningsproces voor bodemopslagsystemen te standaardiseren.

Deel dit artikel